Spanje voorjaar 2024

Dag 1:Om 13:30 uur vertrekken we vanuit Baarle – Nassau. Uitgezwaaid door de achterblijvers gaan we op pad. Net voor de Franse grens hebben we nog een pauze om daarna de grens over te gaan. We overnachten in Calais. Onderweg hebben we iets veel regen, maar eenmaal in Calais is het droog. We maken een wandeling over de boulevard en scoren een kleine friet….nou klein…dat kennen ze in Frankrijk niet. We wandelen terug naar de camperplaats om niet al te laat naar bed te gaan.

Dag 2: 

We hebben best lekker geslapen zo de eerste nacht. Uiteraard denk ik over alles na… heb ik thuis dit wel gedaan en staat dat uit? Loslaten en nu gaan genieten. Om9:15 uur vertrekken we. Eerst nog wat inkopen doen in Cite d’europe en dan richting de Baie de Somme. Lang geleden hebben we deze plek ook aan gedaan, dus het is voor ons niet geheel onbekend. We rijden de kust helemaal af en we hebben een heel mooi plekje waar we parkeren. We kunnen daar lekker wandelen en hebben een mooi zicht op Le Crotoy. De zon doet zijn best. We lunchen dan ook buiten. Dit lijkt lang geleden en we genieten volop. Na de lunch rijden we door en na een mooie rit komen we bij een cider boer die aangesloten is bij France Passion in Saint André – d’Herbertot.  Na een vriendelijk welkom en proeven van de cider en Calvados maken we nog een wandeling en daarna gaan we van de koude fles cider genieten.

Dag 3: 

Wat een stilte….niets maar dan ook niets gehoord deze nacht en geslapen als een os.  Henk maakt deze ochtend met Bikkel een wandeling en Bikkel zijn vriendje (Jack Russel van de ciderboer) hobbelt lekker mee.  We vervolgen onze reis naar het Zuiden en deze route is erg mooi. We rijden door veel verschillende dorpjes, waaronder het door de stinkkaas wereldberoemde Pont L’Eveque, en we belanden in Crevin. Crevin heeft een gratis camperplaats met zelfreinigend toilet. Niet dat we het nodig hebben, maar hoe mooi kunnen ze het maken. 

Dag 4: Na een wandeling met Bikkel en een bezoek aan de bakker en slager, waar we een muntje krijgen voor 60 liter water en lozen van het vuil water, vervolgen we onze weg. Mooi dat zo’n dorpje dit allemaal zo voor de camperaar organiseert. Na een rit van 300 kilometer met veel verschillende landschappen en dorpjes komen we bij een wijboer van France Passion in Le Gua. Helaas is de boer niet in de shop en kunnen we geen wijn kopen. Morgenvroeg is hij er wel, maar die proeverij zo net voor vetrek lijkt ons niet echt handig. 

Dag 5: We rijden deze dag richting Bordeaux. Het weer is prima en we genieten van de omgeving. We nemen weer een route binnendoor. We besluiten naar een bekende plek te gaan. Vorig jaar zijn we daar ook geweest en we vinden het leuk deze familie nog eens te bezoeken. We vallen met de neus in de …wijn! Deze middag gaan ze nog wijn bottelen en we worden uitgenodigd te komen kijken. Nou niet alleen kijken, want we worden ook aan het werk gezet. Een echtpaar runt samen met hun dochter dit chateau. Het is echt leuk om te zien dat hier met veel liefde voor een goed glas wijn gewerkt wordt. Vroeg in de avond gaan we samen met de dochter wijn proeven en zo ook de wijn die vanmiddag in de fles is gegaan. Deze moet nog even rusten, dus die kunnen we nog niet meenemen…..misschien op de terugweg? Met veel plezier en enthousiasme vertelt ze over de wijn, de smaak en hoe het hele proces verloopt. En wij nippen met hetzelfde enthousiasme van de wijn.

Dag 6: We hebben heerlijk geslapen bij onze wijnboer van France Passion. Verschillende uiltjes roepen naar elkaar die nacht en het is mooi om te horen. Na een ochtendwandeling vertrekken we richting de Spaanse grens. De reis verloopt voorspoedig en we gaan naar een camping in Zumaia. Zumaia is een leuke plaats. We bezoeken eind van de middag deze stad en om 18:00 uur gaat de kerk open die wij bekijken. Het is een leuke stad.

Dag 7: We staan vroeg op en gaan met de trein naar San Sebastian. De reis in de trein gaat goed en ook Bikkel mag gewoon meereizen. En wat is San Sebastian een leuke stad. Alles is goed te bewandelen en bikkel is bijna met alle bezoekers van deze stad op de foto geweest. Ze vinden hem geweldig……In het Tapasboek van Edwin Winkels hebben we gelezen dat er een cafe is dat voorheen het politieke hoofdkwartier van de ETA was. Uiteraard willen we daar een kijkje nemen. We vinden het café en worden vriendelijk ontvangen door de eigenaar. In de stad zijn verschillende optochten en de sfeer is prima. Iedereen is vriendelijk en met Bikkel erbij is het overal stoppen, knuffelen en op de foto gaan. Wat een leuke stad!

Die avond komen we met vermoeide voeten thuis, maar we hebben genoten van een heerlijke slenter dag door de oude kleine straatjes van San Sebastian.

Dag 8: We trekken wat westelijker richting de groende kustroute. Het is een mooie weg en we komen terecht in het plaatsje Cóbreces waar een leuke camperplaats is. Een vriendelijke eigenaar vertelt ons wat er allemaal zoal te zien is. Die middag wandelen we naar de kust. Over de krijtrotsen zien we de zee tegen de rotsen denderen. Wat een mooi gezicht en wat een kabaal. Het doet ons denken aan de Normandische kust, waar wij ook van houden, dus wederom een mooie keuze om deze richting op te gaan.

Dag 9: We blijven een dag staan en maken een heerlijke wandeling naar het strand. Voordat we het dorp uitlopen zien we de kaasfabriek van de monniken. Henk scoort een trapistenkaas. Het winkeltje was zo klein dat er maar 1 klant naar binnen kan. Keurig wacht Henk buiten op zijn beurt. De monnik heeft alle tijd en maakt met alle klanten een praatje. 

Het weer is heel goed. De zon schijnt en het is prima wandelweer, dus met wat extra bagage gaan we verder. Het is een prachtig strand met daarnaast een natuurgebied, waar veel lange afstand wandelaars naar toe trekken. Het restaurant op het strand is open en we genieten van de zon, bier, wijn en olijven. Wat hebben we het goed. Nadat we het strand hebben verlaten lopen we terug naar het dorp. We eten bij bar “ Cañardo” op advies van de eigenaar van de camperplaats. En dat was meer dan de moeite waard. De inktvis is een aanrader!

Die avond slaat het weer om, wat jammer is, want we wilden naar de kerk waar iedere avond Gregoriaans gezongen wordt. Heel jammer, maar de wandeling ernaartoe zou meer dan een nat pak betekenen. We moeten hier dus gewoon terug naartoe op een andere reis, wat geen straf is, want de omgeving is heel mooi.

Dag 10: Na het lozen van het vuile water vertrekken we richting het Zuiden. Het weer is niet echt lekker. Het is koud en het waait aardig. In het plaatsje Bécerril hebben ze vanuit de gemeente een camperplaats aan het rand van het dorp. Onderweg zijn er verder geen andere plaatsen, dus we gokken het er op. Nou een schot in de roos. Wat een leuke plekje en wat een mooi dorp. Het dorp met 7 kerken, waarvan er verschillende torens bewoond worden door ooievaars. Schitterend, ze vliegen af en aan. Uiteraard belanden we in het plaatselijke cafe, waar de eigenaar nog best wat tapas voor ons wil maken. Zelf laat hij ons de linzensoep volgens recept van zijn moeder proeven. Met handen en voeten en google translatie komen we best ver. Als klap op de vuurpijl schenkt hij onze favorieten Spaanse wijn die wij kopen bij onze locale drankenhandel, dus dit is een mooie speciale middag. We lopen terug op het gemak en slapen die nacht bijzonder goed.

Dag 11: We rijden naar Vegas de Matute. We hebben veel regen onderweg en het is koud. Onderweg stoppen we nog voor wat boodschappen, maar er is niet veel aan. Uiteindelijk moeten we door om mooi weer te krijgen, dus dat doen we dan maar. In de middag wordt het wel droog, maar het blijft nog behoorlijk waaien… Het advies van Ge om de camper met de kop in de wind te zetten lukt op deze CP helaas niet. Het is overigens een gratis nieuw aangelegde camperplaats voor 10 campers. Ongelooflijk dat een gemeente zoiets aanlegt. Een dorpje met geen winkels of cafe. Wel is er bij de camperplaats een behoorlijke sportaccomodatie en een restaurant, dat eigenlijk niet open zou gaan, maar die avond geheel volloopt. Die nacht gaat de wind liggen en kunnen we weer lekker slapen.

Dag 12: We rijden die ochtend naar Camuñas. De route die we rijden is mooi. We nemen veel binnendoor weggetjes en we komen door leuke stadjes. Het weer zit nog steeds niet mee, want het is koud en er vallen zo her en der wel wat buien. We stoppen die middag niet al te laat en besluiten de camperplaats van Camuñas op te zoeken. Dat gaat goed en we parkeren de camper op de CP met 3 plaatsen. Wederom een nieuw aangelegde camperplaats voor niets…met stroom er bij. We kunnen het maar niet begrijpen. Hoe graag we ook geld willen uitgeven, het lukt hier allemaal niet….nou ja niet aan een camperplaats. Gelukkig hebben ze in dit dorp wel 2 kroegen, dus we besluiten dan maar een wijntje en biertje te nemen. Maar ook dat is onbegrijpelijk. Bij ieder drankje dat je bestelt komt er weer een zelf gemaakt hapje bij en het afrekenen stelt ook al niets voor.

Dag 13: We gaan verder op pad. We vertrekken met een enorme hoosbui en dat zal onderweg ook nog blijven. De molens waar Don Quichot tegen heeft gestreden kwamen we tegen, maar we zouden tot op ons hemd nat zijn als we die wandeling zou doen. Spijtig, maar dat moet op het lijstje voor de volgende keer. We rijden door en komen in een klein dorpje waar we ham en kaas kunnen kopen. Er is met de feestdagen niet veel open, dus we stoppen en slaan onze slag. Na het lezen van een aantal reviews in Campercontact reizen we af naar Chinchilla de Monte – Aragón. En het was een schot in de roos. De camperplaats zelf is niet meer dan een mooi aangelegde parkeerplaats, maar alles is er aanwezig. Het oude stadje met de grotwoningen en de burcht boven op de berg is een echte aanrader. Wat een leuk stadje. We hebben het geluk dat die avond er ook nog een processie gaat plaatsvinden rond 21:00 ….22:00 uur. We dalen na onze wandeling af die middag om s’ avonds de berg weer op de klimmen. Maar wat leuk, mooi en bijzonder dit te hebben gezien. Al die muziek, het pracht en praal. We hebben genoten.

Dag 14- 15-16 -17-18:

We rijden op het gemak en daar waar het kan zoveel mogelijk binnendoor. We rijden naar Pinoso, een plaatsje waar we verschillende keren geweest zijn. Op de valreep hebben we nog een plekje kunnen regelen. Alles is rondom de paasdagen vol. Wij hebben daar totaal niet bij stil gestaan, maar het komt altijd wel weer goed. De camping van Pinoso heeft vooral hele grote plaatsten. Sommige lopen wat scheef, maar plaatsje 14 is voor ons perfect. We installeren ons en wandelen die middag in omgeving van de camping. De komende dagen blijven we op die plaats, we hebben wel zin in een paar dagen rust. De volgende ochtend is het weer al iets beter, dus we durven het aan een grote wandeling te maken. Op wat plekjes waar we eerder zijn geweest staan nu al weer huizen. Pinoso maakt nogal wat bouw ontwikkkeling mee. Het ene wat mooier en passender in de natuur en het ander wat minder, maar toch altijd met een minimale oppervlakte van 1 ha. Het valt ons op dat de gaarden er super mooi bij liggen. De bloesem is her en der nog aanwezig, maar het grootste gedeelte is echt verdwenen. In het dorp is niet veel open ivm de pasen,  maar op een terras kunnen we nog een drankje drinken. Dat is overigens wel fijn, want het komt met bakken uit de hemel. De terugwandeling vanuit het dorp naar de camping is iet minder leuk nu, maar het is niet anders. Die avond ploffen we neer en eten in het restaurant van de camping.

De volgende ochtend is het goed weer. De zon staat heerlijk te schijnen en we maken daar volop gebruik van. Behalve dat we er zelf eens goed van genieten, maken we er direct een wasdag van. Zo alles weer schoon en kunnen we er weer tegen aan.

De volgende middag hebben we met een kennis afgesproken die op het mooiste plekje van Pinoso woont. We drinken koffie en maken er nog een wandeling in de natuur.  Het was een gezellige middag.

Zaterdag en Woensdag is het markt in Pinoso, dus we trekken weer lekker de wandelschoenen aan en gaan richting het dorp. De markt van Woensdag is niet echt groot, maar we doen het er mee. Na het rondje markt gaan we op een terras in het zonnetje zitten en we vermaken ons met een hapje en een drankje.

Dag19-20-21: We vertrekken richting Mazarron en hebben de camperplaats of noemen we het toch het camperdorp gemaild of er een plekje is. Dat is er, dus in alle rust rijden we er naar toe. Maar voor we echt vertrekken gaan we nog bij de slager in Pinoso inkopen doen. Het Spaans gaat Henk steeds beter af, alleen legt hij de klemtoon niet altijd goed, aldus de slager. 

We verbazen ons over de rust die er ook onderweg is, de dorpje waar we doorheren rijden en de natuur zie je veranderen. Al meer zie je de tomatenplanten onder plastic staan. 

De camperplaats is echt zo mooi aangelegd. Het is een compleet dorp met palmbomen, een zwembad 6 loosplekken en 6 plaatsen om het toilet de verschonen, prachtig sanitair een restaurant en terras. Deze plaats wordt vooral gebruikt om te overwinteren. Wij treffen dus alleen maar poepie bruin gekleurde mensen.  In eerste instantie zou dit niet een plek voor ons zijn, maar we hebben genoten. En toen ik tegen Henk zei: zou het voor ons voor een paar maanden een idee zijn, vertelde de mevrouw van de receptie een mail te sturen en af te wachten of er nog mensen afvallen. Hij staat gewoon vol….we. moeten er wel om lachen en zien inderdaad veel mensen die van alles bij zich hebben om de winter door te komen, maar waarom ook niet. Het is er mooi weer, gezelligheid met elkaar.

We dachten 2 dagen te blijven, maar het zijn er 3 geworden. Een wandeling naar de Puerto de Mazarron lukte met Bikkel niet. Hij had het echt te warm, dus halverwege zijn we afgehaakt. We liepen tussen het plastic van de tomaten,  ook niet een echt mooie omgeving. In deze omgeving zijn er veel tomatenkwekerijen en die dekken de planten af met plastic, mooi is het niet, maar effectief waarschijnlijk wel. 

Dag 22-23-24: We hebben nog een leuk plaatsje aan de kust in gedachten. Het is niet erg ver rijden…17 kilometer dus we hebben alle tijd. In de ochtend rijden we met de camper eerst naar Puerto de Mazarron en kopen bij de bodega nog wat port. Het is een leuke omgeving waar we lekker slenteren op de boulevard en de haven. We reizen langzaam af naar Puntas de Calnegre, een camping die nog maar vanaf oktober 2023 geopend is. Ook hier staan de palmbomen weer keurig tussen de plaatsjes, maar zij moeten hier nog iets groeien. En wat is het een leuk plekje. De weg er naartoe is vooral veel, veel plastic, maar eenmaal aan het strand is het erg mooi. Er zit een leuke strandtent, die zondag vol zit met Spaanse mensen die uit zijn, maar ook de motorclub uit Lorca geniet van paella. Wij zakken ook neer na een strandwandeling een genieten ook van heerlijke Tapas. De volgende dag maken we een strandwandeling naar een dorpje even verderop. En ook daar zitten we vooral tussen de locals op het terras en trakteren ons op een heerlijke paella. Wat  het heerlijk toen zo aan de zee.

Dag 25-26: Las Negras staat op ons lijstje. Wederom een plaatsje vanuit het Tapasboek van Edwin Winkels en het is inderdaad een heel leuk plaatsje. Edwin schrijft verschillende versies over de naam van het dorp. Wij zijn er niet achter gekomen welke versie de juiste is. Hert laatste stukje naar de camping was voor mij billen knijpen. Het was er zo smal en hoog en op de meest rotte plek komen we een andere camper tegen. BRRRR en ja we zijn er, maar we moeten ook nog terug. Het uitzicht is prachtig, dat dan weer wel, ik heb er wandelend naar het dorp erg van genoten.

De tweede dag blijven we in de buurt van de camping. We doen de was, want ook dat gaat gewoon door. Middags lopen we naar het strand en genieten in de strandtent van heerlijke tapas. Ook Bikkel heeft er weer vriendinnen bij…zowel een honden vriendin als een mensen vriendin….en dat houdt maar niet op. Kussen, kroelen, aaien, foto’s maken en wat al niet meer. De kinderen worden onder bikkel geschoven en hoppa op de foto.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *